Onderzoek mijnsteenkaden op het werkeiland Noordland

E.h. Ebbens, R.J.G. van Etten, S. Daha, Technische Adviescommissie voor de Waterkeringen (TAW), [Ministerie van Verkeer en Waterstaat], Rijkswaterstaat, Dienst Weg- en Waterbouwkunde (RWS,DWW)
Delft : Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Dienst Weg- en Waterbouwkunde (RWS, DWW)
1985

Bij het opruimen van in 1973 en 1974 aangelegde mijnsteenkaden op het werkeiland Noordland werd onderzoek uitgevoerd naar de gesteldheid van deze kaden. Er zijn peilbuiswaarnemingen verricht, infiltratieproeven uitgevoerd, (stereo-) foto's gemaakt en monsters van zowel mijnsteen als zand onderzocht. Geconcludeerd is dat de doorlatendheid van de mijnsteen significant hoger was dan van het aanwezige zand in de kern van de dijk en dat de doorlatendheid naar alle waarschijnlijkheid niet sterk meer zou zijn afgenomen in de tijd. Verder is een relatief geringe doorlatendheid geconstateerd van de bekleding van Haringmanblokken. Wellicht mede hierdoor is er geen aantoonbare hoeveelheid zeeslib in de mijnsteen doorgedrongen. Er wordt nader ingegaan op onder andere de invloed van de verwerking en de gebruiksomstandigheden op de korrelgrootteverdeling van de mijnsteen.

50 p.
ill.
S-78.023
Foto's bij het rapport Onderzoek Mijnsteenkaden op het werkeiland Noordland / Technische adviescommissie voor de waterkeringen