Een zoet Grevelingenmeer met minimale wateraanvoer

Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Directie Waterhuishouding en Waterbeweging (RWS, WW)
Dordrecht : RWS, WW
11-1983

In het kader van de studie Grevelingen zout-zoet (GZZ) diende, in aanvulling op lit. 5, onderzocht te worden op welke wijze de aanvoer van rivierwater naar een zoet Grevelingenmeer kan worden beperkt. Een zo klein mogelijke aanvoer betekent dat de toevoer van nutriënten en andere stoffen naar het meer beperkt wordt gehouden, hetgeen kan resulteren in een verbetering van de kwaliteit van het meer. In deze nota is daartoe een beschrijving gegeven van het z.g. "regenmodel" voor het Grevelingenmeer in hoofdstuk 3 en is aangegeven welke consequenties dit model heeft voor het peil op het meer. Voor een Grevelingenmeer dat alleen door kwel met zout wordt belast is in hoofdstuk 4 aangegeven welke chloridendegehalteverlopen optreden bij twee varianten voor het peilbeheer, namelijk een vast peil op NAP - 0,20 m en een variabel peil tussen tussen NAP + 0,30 m. Tot slot is in hoofdstuk 5 aangegeven welke tijdsduur en welke waterhoeveelheden gemoeid zijn met de ontzilting van het meer.

40 p.
bijl., ill.
Met samenv.
Met lit.opg.
Notanr.: WWZW 21.001.14